woensdag 30 september 2009

Marked to Phantasy

De betrekkelijke terughoudendheid - in vergelijking met andere regeringen - die de Balkenbende de laatste tijd aan de dag legt bij het redden van alles en iedereen die onder de crisis te lijden heeft, doet vermoeden dat in de huidige coalitie in ieder geval een paar kopstukken beseffen dat een overheid zich niet voor alle karretjes tegelijk moet laten spannen en dat zij haar hand overspeelt als ze optreedt als de economische wonderdokter.
Weliswaar brak dat inzicht pas door, nadat het triomfantelijk trio de schatkist in eerste instantie al had leeggeschud, maar allà. Volgens het IMF is Nederland het gulste jongetje van de klas, als het om stimuleringsmaatregelen gaat, ruim 42% van ons BNP hebben we al ingezet - en dan moet de grootste klap nog komen.

Het 'redden' van ABN-A/Fortis en ING was een misstap, waar Bos inmiddels niet meer zo prat op gaat, gezien het feit dat er nog voortdurend lijken uit de kast rollen, elk goed voor nog eens een paar miljard aan belastinggeld. Die grootbanken hadden in surséance moeten gaan en de overheid had de ontmanteling ervan kunnen begeleiden door uit de restanten een aantal nieuwe en vooral kleinere banken te laten ontstaan. Dat had én het probleem van de bonussen voorkomen - de bonusridders waren uit het zadel gewipt en hadden op de keien gestaan - én mevrouw Kroes tevreden gesteld. Als resultaat had Nederland een lagere staatsschuld [zie: staatsschuldmeter] en een gezondere bankensector gehad, bevrijd van 'toxic waste' - afgeschreven - met meer concurrentie, dus een ruimere keuze voor de consument.

Maar goed, dat is een gepasseerd station. Nu zitten we met zombiebanken, die met de hete adem van de overheid in hun nek op het geld blijven zitten dat ze van de staat hebben gekregen en die de economie in een houdgreep hebben, doordat ze weigeren het uit te lenen. Op zichzelf is dat verstandig van ze, want anders dan vóór de crash beseffen ze nu maar al te goed dat a) ze op hun oude leningen nog miljarden moeten afschrijven en b) dat je als bank grote risico's loopt door in een krimpende economie geld uit te lenen tegen rentepercentages die toekomstige risico's onderschatten, terwijl de waarde van onderpanden de komende jaren vooral zuidwaarts zal koersen, samen met de kredietwaardigheid van je klanten.

Europese banken kunnen bij de ECB voor een jaar onbeperkt krediet krijgen tegen 1% rente en anders kunnen ze aan de overkant van de Oceaan voor bijna niets dollars lenen. Ze hebben dus voor de korte termijn geen liquiditeitsprobleem meer en verlagen doodleuk de rentetarieven voor spaarders. Sparen, de basis voor een gezonde economie, wordt zodoende ontmoedigd. Hoewel de rente op particuliere en bedrijfskredieten hoger ligt, is het voor banken niet aantrekkelijk hun 'hot money' te gebruiken voor langlopende hypotheekleningen, vastgoed en bedrijfskrediet. Liever opereren ze met hun (bijna) gratis geld in de casino's van de valuta- en derivativesmarkten, omdat daar de snelle winsten te behalen zijn, die vertaald kunnen worden in bonussen. Door de kredietkraan voor de banken wijd open te draaien roepen de Centrale Banken het gokeffect dus zelf op.

Het gespartel van de G20 om de bonuscultuur aan te pakken is daarom werkelijk gênant. Dat die cultuur heeft kunnen ontstaan, komt doordat de toezichthouders, de Centrale Banken, de basisrente na de dotcomcrash jarenlang kunstmatig (te) laag hebben gehouden - gevolg: een kredietbonanza - en hebben toegestaan dat a) megabanken 'too big to fail' werden, b) banken door 'fractional reserve banking' verplichtingen konden aangaan tot 30 of meer keer de waarde van hun assets en c) de derivativesmarkt (onderlinge weddenschappen) een omvang kon bereiken van het twintigvoud van het totale BNP van de wereldeconomie. En daar kan aan toegevoegd worden, dat de toezichthouders zelf hebben bewerkstelligd, dat 'rating agencies' (kredietbeoordelaars) betaald werden door uitgevers van schuldpapier - de belanghebbenden! - in plaats van door de kopers ervan, zoals voorheen het geval was. Dat leverde dus 'top ratings' op voor obligaties - de alfabetsoep - die achteraf onverhandelbaar, dus practisch waardeloos bleken.

Investeerders, pensioenfondsen - ook ABP - en banken overal ter wereld - ook ING, ABN-A en Fortis - hebben vertrouwend op die hoge ratings stapels van die papieren gekocht en ze zouden dik failliet zijn, als ze ze nu tegen marktwaarde - 'marked to market' - op hun balans moesten zetten. Dat de bankwereld überhaupt nog (dis)functioneert, is vooral te danken aan het feit dat de Centrale Banken hun hebben toegestaan die papierhoop zelf een fictieve waarde toe te kennen - 'marked to phantasy'. Zo kan nog een schijn van solvabiliteit worden opgehouden, maar omdat de waarde van die stukken grotendeels berust op Amerikaanse hypotheken en vastgoed en het aantal wanbetalers, zowel zakelijk als particulier, met de dag blijft toenemen, is er weinig hoop dat dat papier ooit nog meer waard zal worden dan 'oud papier'. De pensioenfondsen en banken staan dus nog maar halverwege de steile helling omlaag.

Toen Bos vorig jaar glunderend verkondigde dat hij met de aankoop van het failliete Fortis - inclusief ABN-A - de Nederlandse belastingbetaler een geweldige dienst had bewezen, wist hij nog niet beter. Het is ongelooflijk, hoe onwetend de politiek toen was en hoe onwetend de meeste politici - ook de oppositie - en de vakbeweging nu nog zijn. Bos weet inmiddels wél hoe laat het is. Vandaar dat hij niets wil overhaasten en de hete Balkenbrij voor zich uitschuift naar een volgend kabinet in 2011, waar de PvdA waarschijnlijk geen deel meer van zal uitmaken.

Wat Bos, als minister van financiën, ook kan zien aankomen, is dat eind 2009 de olieprijs weer gaat stijgen en dat al het monopoly-geld, dat regeringen en Centrale Banken nu in omloop brengen - tegen die tijd, meer dan 25 biljoen dollar - dan garant staat voor een wereldwijde inflatiegolf, die net als in 2008 de prijzen van grondstoffen en voedsel zal opjagen. Dan zal ook blijken, of de EU de interne spanningen aankan, of in de mêlee ten onder gaat. En dan is het redde wie zich redden kan.